Logo Free Spirits Film

Verslagen / Rotterdam Dagboek deel 1/ IFFR 2005

Rotterdams dagboek I

door Jaap Mees

 


 Sandra den Hamer

Ik ga sinds 1981 naar het Internationale Film Festival Rotterdam (IFFR) en heb veel herinneringen aan het Huub Bals tijdperk. Zo herinner ik me, in het knusse Lantaarn/Venster complex aan de Gouvernestraat, de ontroerende film Il Bacio di Tosca van Daniel Schmidt, een prachtige film over een verzorgingshuis met gepensioneerde opera-zangers. Of het breekbare en melancholieke meisje Pascale Ogier, helaas te vroeg overleden, in Les Nuits de la pleine Lune van Eric Rohmer, een Rotterdamse publiekslieveling. Of het moment dat ik zwaar onder de indruk in de trein zat na het zien van The Dead van John Huston, vooral die prachtige epiloog met tekst van James Joyce, over een ongelukkige liefde tegen een magnifiek sneeuwlandschap in Ierland. Ook weet ik nog goed dat er een jonge Duitse filmmaker zijn eigen film kwam bekijken. Een festivalmedewerker wees hem zijn gereserveerde plaatsen, maar Wim Wenders (want die was het) ging liever gewoon tussen het publiek inzitten. Sympathieke man, die Wenders. 

En niet te vergeten mijn interview met de grote man (in alle opzichten) zelf: Huub Bals. Ik zat toen nog op de Academie voor de Journalistiek in Tilburg. Ik voelde me wat geïntimideerd door deze norse, wat opvliegende man maar zodra hij over film begon ontdooide hij. Films waren voor hem kwaliteit, troep of vals. Een valse film was meer met het oog op de kassa gemaakt, dan als oprechte contributie aan de filmkunst. Prachtige uitspraken deed die Bals, door en door een filmliefhebber. Zoals: “ je moet een publiek zoeken bij een film, niet een film bij een publiek.” En:” Cinematografisch genot is een stuk levensgenot dat in iedere stad te koop moet zijn, net als een Turks bad.” Bijzonder was ook het moment dat de Georgische meesterfilmer Paradjanov arriveerde in het Luxor theater. Hij was een imposante man met een grote baard en kleurrijk gewaad. Bals zag hem, stormde op hem af en de twee giganten omhelsden elkaar warm. Heel mooi om te zien! 

Huub Bals
Tot zover het verleden. Nu is de voormalig assistent van Bals, Sandra den Hamer, directeur. Het goede hiervan is dat de geest en erfenis van Bals nog over het Festival waart. Den Hamer heeft natuurlijk haar eigen inbreng maar houdt de typisch Rotterdamse voorkeur voor eigenzinnig talent, sociaal betrokken filmmakers en de voorliefde van de auteurscinema in stand. 

Om wat op te warmen zag ik gisteren drie films. Allen gecentreerd rond mooie vrouwen. 

Eerst Clean van de Fransman Olivier Assayas. De centrale rol is van Maggie Cheung, die een drugsverslaafde speelt die haar vriend verliest. Hij sterft aan een overdosis. Zij heeft een zoontje dat van haar vervreemd raakt. Zijn grootvader (Nick Nolte) bemiddelt tussen beiden. Maggie Cheung is altijd een plezier om naar te kijken met haar mooie, levendige ogen en kwetsbare maar pittige verschijning. Assayas zit zijn acteurs, zoals altijd, dicht op de huid en dat maakt zijn films heel intens. De camera is meestal vanuit de schouder gedraaid, waardoor het heel chaotisch en rusteloos wordt.

Het tweede mooie meisje is Carice van Houten. De pittige en bijdehante katvrouw uit Minoes. Nu raakt ze verzeild in een “amour fou” met Dragan Brakema in de film Zwarte Zwanen van Colette Bothof. De film is een sprookjesachtige vertelling die behoorlijk ontspoort. Mooie beelden uit Spanje maar inhoudelijk nogal leeg. Je kunt goed zien dat de film geen wortels in de werkelijkheid heeft. Als fantasiefilms niet heel goed gedaan worden, zodat ze geloofwaardig zijn, geef ik de voorkeur aan realisme. Trouwens een van de moeilijkste dingen om te bereiken voor de camera. 

Het Mysterie van de Sardine
De beste film van vandaag is Het Mysterie van de Sardine van Erik van Zuylen, een eigenzinnige en originele filmmaker. Bekend van films als De Anna en Zjoek, de kunst van het Vergeten. Het Mysterie van de Sardine is gebaseerd op een boek van Stefan Themerson. Het gaat over Boerhave, een hoogleraar in filosofie, een natuurlijke en laconieke rol van Victor Low. Op een dag wordt hij bezocht door een experimentele Poolse filmer. Een poedel komt aangelopen met een sardineblikje om zijn hals. Hierin blijkt een bom te zitten die ontploft, waardoor Boerhave zijn benen verliest. Poedels heb ik nooit vertrouwd. Op zijn zoektocht naar de oorzaak, komt Boerhave de meest bizarre personages tegen. Zoals een verliefde tweeling en een bizarre snuiter die zijwaarts en achteruit loopt. Op de meest onverwachte en soms ongewenste momenten duikt de mysterieuze Prudence op. Een mooie, slanke vrouw met grote blauwe ogen. Kalm onderkoeld gespeeld door Angelique de Bruijne. Een bijzonder verhaal, met mooie fotografie en subtiel, met veel gevoel voor ritme geregisseerd door van Zuylen. Een echte aanrader. 

In het volgende dagboek ga ik op zoek naar nieuwe filmmakers die hun eerste of tweede speelfilm hebben gemaakt.