Logo Free Spirits Film

Interviews / Criticus Ronald Ockhuysen: "ik ben een echte beschouwer."

Ronald Ockhuysen

door Jaap Mees


 Ronald Ockhuysen(1966) is een van de toonaangevende filmcritici in Nederland. Ook is hij bekend van zijn festival journaals voor de VPRO in Cannes, Rotterdam(IFFR), Amsterdam(IDFA) en Utrecht (NFF). Ockhuysen begon als dramaturg bij Theater van het Oosten, daarnaschreef hij toneel en –televisie recensies voor de Volkskrant en nu film kritieken. Sinds kort presenteert en maakt hij ook zijn eigen filmprogramma Cinema.nl TV met co-presentator Paul Rigter, dat elke Woensdagavond rond 23.30 wordt uitgezonden op Nederland Twee. 


Jaap Mees: Jouw nieuwe filmprogramma doet denken aan Film 2007 van Jonathan Ross voor de BBC. Flitsend, hip qua vormgeving en toch informatief.
Ronald Ockhuysen:
 “Het is een ‘crossover’ tussen de Volkskrant, de VPRO en MTV. Het is bedoeld voor een breder publiek dan de filmfestival-journaals, die meer zijn voor een specifiek filmpubliek. Dat bereiken we door een moderne vormgeving, kortere items en iets meer uitleg over de betreffende filmmakers. Jonathan Ross is zeker wel een voorbeeld, maar we moeten hem niet gaan imiteren, want mislukte Britse humor is heel pijnlijk. Maar zijn combinatie van vermaak,lol en inhoud zoeken wij ook wel. Hij is wel echt een dandy met zijn knalroze pakken, maar wij durven dat niet en hebben er ook het geld niet voor. 

Actueel

  Bij de publiek omroep was er jaren geen filmprogramma meer. Vroeger had je Simonskoop met Simon van Collem, Cinevisie van Cees van Ede en een populair programma’s als Voor een Briefkaart op de Eerste Rang met Bob Bouma. Later kwam Stardust (VPRO), wat meer een cinefiel programma was, dan een actueel informatief filmmagazine. Bij de commercieele omroep heb je Rene Mioch, die Films en Sterren maakt en Jac Goderie met zijn programma Filmblik (RTV-NH). 

“Op alle fronten wordt er bericht uit de maatschappij over sport en politiek, maar niet over film, terwijl de publieke omroep nauw betrokken is in de productie van de Nederlandse film. Een andere reden is het succes van onze www.cinema.nl website, daardoor is er vertrouwen ontstaan dat er behoefte is aan een filmprogramma op het open net.”

Waarom wordt het zo laat uitgezonden, omstreeks 23.30?
Het is geen primetime programma, dat zou te veel druk op het programma leggen. Voor een uitgaansprogramma zou een uur of 23. 00 uur beter zijn. Je zei dat het programma gedeeltelijk MTV-achtig is, willen jullie ook jongeren trekken?

We wilden geen ouderwets programma maken,waar mensen met een glas wijn een uur lang over kunst leuteren. Het programma wordt niet specifiek voor jongeren gemaakt, maar we willen het wel open open houden en het visueel aantrekkelijk maken. De invloed van Internet is ook duidelijk zichtbaar. De oudere kijkers hebben genoeg aan het beeld, maar jongere kijkers willen op meerdere manieren geinformeerd worden. Mijn co-presentator Paul Rigter gaat er meer op uit als verslaggever, ik ben de criticus, de man met de hoge hoed en de filmkennis. Die presentatie is bewust gedaan, om het niet alleen een recensie programma te laten worden. We willen ook de kijker bewust maken hoe film werkt en de passie voor cinema overbrengen. Paul Rigter is een acteur en korte film- en programmamaker, hij heeft voor de KRO en TV Noord-Holland gewerkt. 

Eigenzinnigheid


Ik las in het scenario blad PLOT, dat je nooit bezig bent met het effect van een recensie. “Ik schrijf naar eer en geweten wat ik ervan vind.” Je kunt ook nooit gaan denken wat is het effect van de recensie, want dan ga je schipperen. Je moet met een maat meten. Het enige waar je wel rekening mee houdt is als een film een debuutfilm is, dat meldt je dan ook in het stuk, je gaat daar anders mee om dan de twintigste film van een bekende maker. Maar je gaat niet denken deze film heeft het Volkskrant publiek hard nodig, dus ga ik maar voorzichtig zijn.Dat kan gewoon niet. De status van de krant op filmgebied bestaat uit de gratie van juist die eerlijkheid. Op het Nederlands Film Festival heb ik ook wel eens aanvaringen gehad met filmmakers met de nodige drank op, die dan gaan schelden. Ik begrijp voor een deel dat het frustrerend is, als je jaren aan iets werkt en het dan in een klein stukje wordt afgekraakt. Ik houd wel van een debat en ga altijd de discussie aan en reageer ook op ingezonden brieven van makers. Als je je mening geeft moet je daar pal voor staan, maar als iemand op een laveloze manier aggressief gaat schelden heeft praten weing zin. 

Wat maakt een film goed, wat zijn je criteria? 
Eeigenzinnigheid, durf, de visuele stijl, originaliteit, het gebruik van geluid. Wat wil de filmmaker bereiken en wordt die ambitie waargemaakt. Elke recensie is arbitrair en subjectief, maar dat is ook juist de bedoeling. Het moet toegankelijk zijn voor elke lezer en niet alleen voor de cinefielen. Ik houd er wel van om af en toe mooie zinnen te maken, je moet de lezer ook niet lager inschatten dan ze zijn. De gemiddelde Volkskrant lezer is verstandig en kan echt wel wat aan. 

Waarom ben je zo gegrepen door film? 
Sinds mijn puberteit heb ik veel films gezien. Toen ik 16 was scheurde ik kaartjes in een bioscoop in Hilversum, om maar veel gratis films te kunnen zien. Er zit zo veel in film, het is onderhoudend, educatief, sociologisch.Op het ene moment kijk je naar Koerden op de grens van Irak, en zie je hun levensomstandigheden, de dag erna beleef je een komedie in Beverly Hills en zie je hoe de ‘rich and famous’ met hun tuinman omgaan. Dan zit je weer in een ver land en is het alleen al interessant om te zien hoe mensen daar wonen en wat ze eten.Daarom is film zo mooi, je hebt allerlei manieren om films te maken. Van amusement tot confronterende kunst. Je moet niet wars zijn van populaire massacultuur en je moet ook affiniteit hebben met video kunst. Van ‘Walks of Fame’ in Los Angelos tot een ingewikkelde video installatie bij Diana Stigter in de Jordaan. 

Buitenstaander


Je beroeps route loopt via dramaturgie, de theater- en tv-kritiek naar het vak van film criticus en programmamaker, zou je ooit een film willen maken? 
Nee helemaal niet, ik heb geen enkele ambitie in die richting. Een programmamaker ben ik wel, in die zin dat ik als journalist programma’s maak. Maar altijd aan de andere kant van de streep, ik ben een echte beschouwer. Wat ik misschien wel zou willen is een mooi journalistiek boek schrijven, een biografie. Ik ben ten allen tijden journalist. Iemand die overal met zijn neus vooraan staat, maar toch een buitenstaander is. 

Op de Cinema.nl radio hoorde ik dat jouw eigen Top 5 bestaat uit: Cache (Haneke), Les Amants reguliers(Garrel),Capote (Miller), Breakback Mountain (Ang Lee) en Langer Licht.(Lammers). Hoe komt het dat Cache zo populair is bij filmcritici, knap gemaakt maar zo kil en klinisch? 
Het is inderdaad een typische criticus film, er is geen hond naar toe gegaan in Nederland. Ik vind het ontzettend knap, hoe hij met heel weing middelen heel veel kilheid en angst kan oproepen. Dat is echte cinema, de beste films bestaan vooral uit suggestie. De film speelt zich meer in je hoofd af dan op het scherm. Het gaat over de essentie van wat je met film kan doen. Haneke legt onze eigen vooringenomenheid medogenloos bloot. Hij is de regisseur van het onbehagen, hij wil de kijker wakker schudden. Ieder ziet een film op een eigen subjectieve manier door de persoonlijke associaties die een film oproept. Haneke wil de kijker verwarren, bewust maken en tot nadenken dwingen. 

Wordt je nooit festivalmoe? 
Je hebt critici die zien 5 of 6 films op een festival per dag, maar dat doe ik niet. Na 4 eigenlijk 3 films is mijn limiet bereikt. Op het IDFA, met al die films over het leed van de wereld, zoals vrouwenbesnijdenis, gifgas en rasicme in Parijs, lig ik al plat na 3 films. Niets menselijks is de filmcriticus vreemd. Als je niet uitkijkt loopt het ene film personage in de verkeerde film rond. Ik zie liever enkele films nauwkeurig, dan dat je pobeert zoveel mogelijk te zien en het dan niet meer goed kunt opnemen. 

Kun je een korte reactie geven op de volgende filmmakers? David Lammers (Langer Licht): 
Zeer belangrijk filmmaker in de dop, waarvan ik denk dat hij snel een film in een grote competitie in Cannes zal hebben. 
Federico Fellini: Maker van magistrale beelden, die je nooit meer vergeet. Wie naar Rome reist, gaat direct naar de Trevi fonteinen, voor de beroemde scene uit La Dolce Vita met Anita Ekberg. Dat zegt alles over zijn films. 
Bruno Dumont (L’Humanite): kampioen van het onbehagen, nog meer dan Michael Haneke.Fascinerende, eigenzinnige filmmaker die geheel zijn eigen pad trekt en die wordt beloond met een oeuvre, wat misschien wel een van de interessantste is in de (film)wereld. 
Leonard Retel Helmrich(Promised Paradise): een man met een missie zou ik bijna zeggen, iets teveel gepreoccupeerd op mooie beelden, maar een belangrijke filmmaker die een grote rol vervult als moderne geschiedschrijver van Indonesie. Miranda July (Me and You and Everyone We know):video-kunstenares goes Hollywood. Ook een voorbeeld van als je maar eigenzinnig genoeg bent en oorspronkelijke ideeen hebt, dan is de kans dat je slaagt groter dan je laten leiden door het doelgroep denken. 

Ingmar Bergman: Jaaa! Ik verwacht dat er bij zijn dood, want hij zou nu wel ongeveer 100 zijn, een enorme herwaardering komt van zijn werk. Zijn films hebben een Freudiaanse reputatie van puffen en zuchten, maar zijn films gaan over de essentie van het leven. 
Ik zag laatst Wilde Ardbeien nog eens op DVD en werd ontzettend geraakt door die film. 
Bergman’s films gaan over basis problemen waar iedereen mee te maken krijgt. Ik vind hem een ongelooflijk belangrijke filmauteur. 

Kieslowski


Paul Verhoeven (Zwartboek): Provocateur, nog altijd puber gebleven. Een man met enorm veel energie en bravoure, daardoor heel aanstekelijk, maar inhoudelijk lang niet altijd zo interessant als hij zelf denkt.
Heddy Honigmann(Forever). Uitgekiende slimme documentaire maker met heel veel gevoel voor smaak en melancholie. In haar angst om te falen en is zij te veel bezig haar films op te bouwen uit zekerheden. Te veel ge-ensceneerd, daardoor neigt ze meer naar fictie dan naar documentaire. Om die reden zou ik graag een speelfilm van haar willen zien. Krzystof Kieslowski: Toen Oost-Europa nog Oost-Europa was, prachtig in de rijkheid van zijn films, een combinatie van massieve beelden en ijle muziek.Onvergetelijk tijdens zijn hoogtij dagen met de Dekaloog en zijnTrilogie:Blauw, Rood en Wit. Voor mij persoonlijk betekende die films veel, omdat ik bij bovengenoemde films volwassen aan het worden was en ik dankzij zijn films besefte, dat film groter was dan alleen maar plaatjes kijken.
Edward Yang (Yi Yi): Je hebt ze wel echt uitgezocht! Een man met een bijna soap achtige stijl, die je door die vorm gerust stelt en pas na een uur realiseer je je dat je naar iets totaal anders kijkt. Een verleidingskunstenaar en heel goede filmmaker. 

Wat moet er aan het Nederlands filmklimaat verbeteren? 
Meer eigenzinnigheid en minder het poldermodel hanteren. Minder bemoeienis met de diverse clubjes en fondsen, dus kortere banen in de financiering van film.Het debat moet aan gegaan worden en men moet elkaar het succes gunnnen, en niet altijd typisch Nederlands elkaar vliegen afvangen. Meer neigen naar kunst en minder naar markt. Filmmakers en scenarioschrijvers bovenaan zetten, bijsturen is belangrijk, film kost veel geld, maar je kunt niet van een kunstenaar verwachten, dat als hij door 12 mensen wordt begeleidt er nog iets over is van zijn werk. Het genie van de kunstenaar wordt vermangeld onder de democratische besluitvorming. 

Tot slot wat maakt een goede filmcriticus? 
In de eerste plaats is een goede criticus onafhankelijk, eerlijk, kent de filmgeschiedenis en zijn klassiekers. Hij heeft een onbevangen blik en is altijd weer nieuwsgierig naar de volgende film. En beheerst zijn Nederlands tot in de puntjes en heeft een heldere schrijfstijl met een licht provocerende pen. Intuitie voor nieuw talent hoort daar ook bij. Die vindt je vaak op filmfestivals,zoals bijvoorbeeld het Filmfestival in Rotterdam, een bakermat voor nieuw talent.”